Bij ons in de wijk is een werkelijk prachtige speeltuin aangelegd. Het heet “Pirateneiland”, maar wij noemen het, samen met onze kleindochter, de “zandspeeltuin”. Omdat het hele terrein is voorzien van prachtig wit zand, drie enorme en drie wat kleinere houten bouwsels die tezamen een soort zeeslag voorstellen. Het is echt geweldig voor kinderen, klein of groot, alles is er aanwezig om de fantasie en de kracht van de bezoekertjes te testen.
En dan bedoel ik ook die van de ouders en de grootouders die er een gedeelte van hun papa-mama- of opa-omadag komen doorbrengen. Grappig is het om te zien hoe ieder dat invult. Zonder te willen generaliseren, maar toch: papa’s met een iPhone dan wel iPad, mama’s gezellig samen met een andere mama het schuldgevoel delend over de onmogelijke taak om werk en gezin op een perfecte manier te combineren.
En dan valt mij opeens op dat er een groot verschil is tussen de manier waarop mannen en vrouwen met kinderen omgaan. Een vader laat zijn kind eerst van alles zelf ontdekken, pas als er echt hulp nodig is komt hij tot actie. Een moeder is altijd ter plekke al lang voordat er ook maar iets aan de hand is.
Op een dag waren we weer in de zandspeeltuin. Opeens komt er een jongetje tevoorschijn dat opvalt. Hij was helemaal compleet gekleed in ADO-tenue. Ik schatte hem op zo’n jaar of drie. Alles er op en er aan: shirtje, broekje, sokken in geel-groen, oorringetje en gemillimeterd haar. Een miniprintje zal ik maar zeggen. Met de bijbehorende stoerheid van een profvoetballer die al drie keer voetballer van het jaar is geweest. Geweldig! Op die leeftijd dan.
Het nadeel van opvallen is dat je kwetsbaar bent. En ja hoor, het gebeurde: twee andere jongetjes, ietsjes ouder, met Tommy Hilfigerkleertjes aan, hadden hem ontdekt als plaagobject.
“Lalalalala, Ado is slecht, Ado kan niet winnen, Ado is niks, Feijenoord (!) is beter”, en ga zo maar door. Het ADOjongetje liet zich niet van de wijs brengen: “nietes”, wat niet de sterkste tekst was, maar ja, wist hij veel?
“Welles, nietes, welles…..” En toen kwam de papa van de twee jongetjes (ook T. Hilfigerfan) ingrijpen: “Jongens, dit moet afgelopen zijn, ophouden, laat dat jochie nou, anders gaan we naar huis”. Ik was blij verrast, had dit niet verwacht. Stom is dat.
Papa ging inmiddels weer verder met bellen, en de jongetjes onverdroten door met plagen.
Maar papa Hilfiger had het helemaal gehad, ze moesten mee naar huis. Klasse vond ik dat. Plagen wordt al snel pesten en hij had het door.